Geschiedenis van de Frisbee (deel 2)

Ze kan al zelfstandig lezen!

De vader van het moderne Disc Golf, zo staat hij bij velen bekend. Edward Early Headrick, ‘Steady Ed’, was vanaf de jaren ’60 nauw betrokken bij de professionele ontwikkeling van de sport. Hij vroeg belangrijke patenten aan, was direct verantwoordelijk voor de bouw van de eerste permanente baan en zorgde in 1976 voor broodnodige professionalisering, met de oprichting van de Disc Golf Association. Headrick was innovatief, een pionier als je wilt, maar bovenal een liefhebber van het spel. Hij overleed in 2002, maar zijn nalatenschap leeft voort in het Disc Golf van vandaag de dag.

Deze blog vormt het tweede deel van de driedelige serie in de geschiedenis van de frisbee. Benieuwd naar het eerste deel? Klik dan hier of op de onderstaande afbeelding.

 

Ontwikkeling Disc Golf: De moderne frisbee

Wham-O was in de jaren zestig de enige serieuze producent van frisbees, nadat het bedrijf de rechten over de ‘Pluto Platter’ had bemachtigd van Walter Frederick Morrison. Bij Wham-O werkte een zekere Edward Headrick, als hoofd van de afdeling Research and Development. In 1964 kreeg Headrick de opdracht die zijn leven zou veranderen: hij moest een oplossing zoeken voor de overvolle warenhuizen van Wham-O, die tot de nok gevuld waren met ongebruikt plastic. Dat plastic was eigenlijk bedoeld voor de productie van een ander stuk speelgoed, de hoelahoep, maar zo ver was het nooit gekomen. In zijn zoektocht naar een oplossing greep Headrick terug naar de Pluto Platter. Hij voegde een aantal ringen toe aan de top van de frisbee, zodat deze stabieler bleef tijdens de vlucht. Ook perfectioneerde hij het uiterlijk en voegde hij aerodynamische elementen toe. In 1967 vroeg hij het patent aan voor deze ‘moderne’ frisbee (US Patent No. 3,359,678). De professionele frisbee was geboren. In hetzelfde jaar richtte Headrick de IFA op, de International Frisbee Association.

 

Jim Palmeri en het eerste nationale Disc Golf toernooi

De periode 1967 tot 1972 kan worden beschouwd als een overgangsperiode. De disc lag klaar, maar het spel zelf was nog relatief onbekend. Er was geen overkoepelende instantie en er waren geen grote toernooien met interessante geldprijzen. Wat heet: er waren zelfs geen professionele baskets, om nog maar te zwijgen over een officiële competitie. Ook Headrick liet de sport in deze periode links liggen. Toch werd Disc Golf wel gespeeld. Jim Palmeri en zijn vrienden speelden het spel vanaf augustus 1970 in competitieverband. Ook namen ze het tegen elkaar op in toernooien. In 1973 organiseerde de groep twee ‘City of Rochester Disc Frisbee Championship Events’, waarbij Disc Golf het belangrijkste onderdeel was. Palmeri leerde in datzelfde jaar van het bestaan van de IFA en daarmee was het hek van de dam. In 1974 organiseerde hij de American Flying Disc Open (AFDO), een soortgelijk toernooi als in Rochester, maar ditmaal op landelijk niveau en met een mooie prijs: een Datsun B210! Disc Golf begon te leven onder het grote publiek. In de zomer van 1975 was de vraag zo groot, dat Headrick, inmiddels vicepresident bij Wham-O, de mogelijkheden van de sport opnieuw onder de loep nam.

 

Oak Grove Park: de eerste permanente baan

Na het succes van de AFDO kon niemand de populariteit van Disc Golf meer ontkennen. Het duurde dan ook niet lang, of de eerste permanente baan was een feit. Dat gebeurde in 1975, in het Oak Grove Park in Pasadena (Californië). Headrick, inmiddels niet langer bij Wham-O, was ook hier nauw bij betrokken. Hij werkte samen met Mary Becker, adviseur en planner bij het park. De twee hebben de baan zelf ontworpen en de holes zelf opgebouwd. Oorspronkelijk bestonden deze holes uit eenvoudige palen, die vastzaten in de grond. De reden daarvoor was heel eenvoudig: de huidige baskets waren gewoonweg nog niet beschikbaar! Die kwamen pas in 1976, toen Headrick ook daarvoor het patent liet registreren (No. 4,039,189). Dit waren de eerste ‘baskets’ die kettingen gebruikten om de disc te stoppen. De palen in het park werden daarna vervangen door deze nieuwe ‘Disc Golf Pole Holes’. Headrick had ze eigenlijk eerst ‘Frisbee Pole Holes’ willen noemen, maar kreeg te maken met het copyright van Wham-O. De term Disc Golf is dus per toeval ontstaan, om juridische problemen te voorkomen!

 

Oprichting van de DGA

Misschien denk je nu bij jezelf: die Headrick is inderdaad vrij belangrijk geweest voor Disc Golf… Dat was hij zeker, maar we zijn er nog niet! Met de oprichting van de Disc Golf Association (DGA) in 1976 maakte hij van Disc Golf eindelijk een echte sport. De DGA is de officiële overkoepelende instantie voor alles wat met de sport te maken heeft. Headrick schreef zich uiteraard als eerste in. Hij heeft daarom nog altijd nummer #001. In de zomer van 1976 stuurde hij brieven naar de beste 100 spelers van Amerika, met het verzoek om zich bij de nieuwe organisatie aan te sluiten. De inschrijfkosten waren lachwekkend. Voor een levenslang lidmaatschap betaalde men destijds $10. De reacties waren zeer positief. De winnaar van de eerste AFDO (1974), Dan “Stork” Roddick, schreef zich als derde in. Ook de eerdergenoemde Jim Palmeri was er vroeg bij: #023. De volledige lijst kun je hier vinden.

 

Het overlijden van Headrick

Edward Early Headrick is van onmisbare waarde geweest in de geschiedenis van het Disc Golf. Zonder hem waren er geen goede discs, geen professionele baskets en was er geen officiële competitie. Headrick overleed in 2002, na twee beroertes, op 78-jarige leeftijd. Na zijn crematie werd zijn as verwerkt in een speciale serie discs. Deze discs gingen in de eerste plaats naar familie en vrienden, zodat hij nooit vergeten zou worden. Hij hoopte dat ze af en toe nog eens met hem zouden gooien. De overige exemplaren zijn verkocht en de opbrengst ging naar het ‘Steady’ Ed Memorial Disc Golf Museum, onderdeel van het internationale Disc Golf Centrum in Georgia.

 

In de volgende blogpost, tevens de laatste uit deze serie, behandelen we de ontwikkeling van de sport na de oprichting van de DGA.
Oh, en mocht je je afvragen wat onze Respecti aan het lezen is…

Geschreven door: Gijs Leppers